Berichten

Je kind leren eten volgens Rapley. Hoe doe je dat?


In het artikel over de eerste 1000 dagen van het leven heb ik uitgebreid stilgestaan bij de ontwikkeling van de darmen en darmflora van een baby. Hierin gaf ik ook aan dat een goede methode om voedsel te introduceren de Rapley methode is. Maar hoe pak je dat eigenlijk aan, spelenderwijs voedsel introduceren volgens Rapley?

DE BASISREGELS VOLGENS RAPLEY

De Rapley methode kan gebruikt worden tijdens de eerste 1000-dagenOnderzoekster Gill Rapley vond dat baby’s vanaf 6 maanden prima in staat zijn om zelf aan te geven wat en hoeveel ze eten, mits ze in de gelegenheid worden gesteld. Door het eten in de originele vorm aan te bieden (dus ongeprakt en niet gepureerd), kan het kindje spelenderwijs leren om met eten om te gaan. Er zijn wel een aantal ‘regels’ die je moet naleven bij het volgen van deze methode.

Allereerst is het belangrijk om het kind nooit alleen te laten met voedsel. Zeker jonge kinderen kunnen zich makkelijk verslikken in stukjes eten. Ondanks dat dit er vaak erger uitziet dan het is, moet je natuurlijk wel de noodzakelijke hulp kunnen bieden mocht er een stukje voeding vast komen te zitten. Bovendien zorgt het samen eten ervoor dat de baby je kan na-apen.

Zorg ook altijd dat het kindje rechtop zit tijdens het eten, dit verkleint de kans op verslikken. Laat het kind altijd zelf het voedsel in zijn/haar mond steken en dring voedsel niet op. Ook dit verkleint de kans op verslikken, omdat het kindje zelf de controle heeft.

Duw rondvormige voeding zoals bonen en (kikker)erwten voor het aanbieden een beetje plat, zodat deze niet de luchtpijp kunnen afsluiten mocht het kindje zich verslikken en snijdt om deze reden klein, rond fruit zoals druiven in de lengte doormidden.

Zorg dat je goed weet wat je moet doen als je kind zich toch verslikt. Voor een duidelijke instructievideo, zie hier.

Kinderen die via de Rapley methode leren eten, worden door hun ouders omschreven als ‘makkelijke eters’.

Lees meer

Wat als je kindje antibiotica nodig heeft?

Het gebruik van antibiotica heeft invloed op de ontwikkeling van de darmflora. Toch is een kuur met antibiotica niet altijd te voorkomen. Wat kun je doen om je kindje te ondersteunen als hij onverhoopt de medicijnen nodig heeft?

Gelukkig worden Europees gezien, antibiotica in Nederland het minst verstrekt. 25 procent van de kinderen tot 5 jaar heeft echter al één of meerdere keren een antibioticakuur gekregen. In veel gevallen gaat het dan om gebruik bij een (midden)oorontsteking, keelontsteking of bronchitis.1

Ondanks dat het soms noodzakelijk kan zijn om antibiotica te gebruiken, kan het invloed hebben op de ontwikkeling van de darmflora. Er is een trend te zien waarin kinderen die op jonge leeftijd antibiotica krijgen, op latere leeftijd vaker last hebben van overgewicht, hooikoorts, astma en/of eczeem.2 Soms is het onvermijdelijk dat een kind antibiotica nodig heeft. Je kunt dan een aantal dingen doen om de darmflora en de weerstand van de baby te ondersteunen.

Gebruik tijdens de antibioticakuur al probiotica speciaal voor jonge kinderen.

Wat te doen bij antibiotica

  • Gebruik tijdens en tot 2 weken na de antibioticakuur een probioticum speciaal voor baby’s en jonge kinderen. Geef het probioticum 2 uur vóór of ná het antibioticum. Het probioticum kan toegevoegd worden aan flesvoeding (afgekolfde melk of kunstvoeding) of je smeert het probioticum op de tepel als je borstvoeding geeft.
  • Zorg ervoor dat het kindje voldoende vitamine D binnenkrijgt. De aanbeveling is 10 microgram per dag. Ter ondersteuning van de weerstand is een dosering tussen de 15 en 20 microgram beter. De maximale, veilige dosering voor kinderen tot 1 jaar is 25 microgram per dag.
  • Ter ondersteuning van het immuunsysteem kan ook aanvullend vitamine C worden geven. Het Voedingscentrum geeft aan dat kinderen tussen de 20 (tot 1 jaar) en 25 (tot 2 jaar) mg vitamine C per dag nodig hebben. Tijdens ziekte kan de behoefte echter verhoogd zijn. Kies voor een supplement in poedervorm met een niet-zure vorm van vitamine C. De dosering is afhankelijk van de leeftijd van het kind en het voedingspatroon. Laat je hierover dus adviseren door een deskundige.